Deze zomer heb ik weer eens ervaren hoe fijn en vitaliserend het is om in de bergen te wandelen. Een paar keer ging ik vijf, zes uur op pad, alleen, en het deed me heel erg goed. De fysieke inspanning bij het klimmen maakte, dat ik mijn lijf helemaal voelde. Bij lopen is volgens mij je hele lijf betrokken. Ik voelde mijn eigen vitaliteit.

De weg omhoog, waarbij het uitzicht steeds ruimer wordt, doet ook iets. Steeds doemen nieuwe vergezichten op, verrassend, steeds anders, ook door nevel die zich verplaatst of wolken die zich vormen.

En er is natuurlijk het zijn in de natuur, alleen maar natuur: bomen, bloemen, een beekje, watervallen, vogels, schapen, rotsen, sneeuw. En ruimte en stilte. Dit alles geeft mij innerlijke rust, energie, een gevoel van wakker, aanwezig zijn, wat heel prettig is. En er zijn momenten van ontroering over de grootsheid van de bergen, die er al zo lang zijn. Het maakt mij dankbaar voor de schoonheid en kracht van moeder aarde, het water dat stroomt, alles wat bloeit.

Deze bergwandelingen brengen me weer verrijkt terug. Ik kan het je aanraden.